Onderzoek: medische veiligheid slecht gesteld bij bedrijven

Onderzoek

Uit de Nationale Veiligheidsbarometer van Securitas (resultaten gepubliceerd in juni 2015) blijkt dat het slecht is gesteld met de medische veiligheid bij bedrijven:

Bedrijven gaan onzorgvuldig om met medische veiligheid op de werkvloer. Zo zijn er bij vier op de tien bedrijven niet altijd voldoende bedrijfshulpverleners (BHV’ers) aanwezig. Een op de vijf bedrijven geeft zelfs aan helemaal geen BHV’ers te hebben

Bedrijfshulpverlening lijkt een ondergeschoven kindje. Bezuinigingen op bedrijfshulpverlening vanwege de economische crisis zal daar zeker een rol bij hebben gespeeld. Medio dit jaar verwachten wij de recente jaarcijfers en hopen op verbeteringen bij bedrijven.

Veiligheid op de werkvloer in een serieuze zaak. Staat BHV in uw onderneming (onbedoeld) nog niet voldoende op de agenda? Schakel dan direct. Voorkomen is toch altijd beter dan genezen.

Wat kunt u doen?

Securitas adviseert werkgevers “te allen tijde voldoende BHV’ers aanwezig te hebben. Medewerkers kunnen fungeren als BHV’er na het volgen van trainingen en opleidingen. Het vastleggen van bedrijfshulpverlening in een noodplan verzekert de continuïteit bij calamiteiten”.

Daar sluit ReNsH’Cue zich helemaal bij aan. ReNsH’Cue heeft al ruim 25 jaar ervaring in het opleiden en trainen van medewerkers tot adequate BHV’ers, die kunnen ingrijpen als het nodig is.

       “Een op de vijf bedrijven geeft zelfs aan helemaal geen BHV’ers te hebben

Bedrijfshulpverlening, hoe zat het ook al weer?

Elke werkgever moet bedrijfshulpverlening (BHV) in het bedrijf regelen. Bij calamiteiten moet je werknemers en klanten kunnen opvangen en verzorgen. In de meeste gevallen worden medewerkers opgeleid tot BHV’er. Een bedrijfshulpverlener (BHV’er) is getraind om in geval van nood de werknemers en klanten in veiligheid te brengen. Een BHV’er weet hoe hij mensen uit een brandend gebouw moet krijgen, hoe hij een beginnende brand kan blussen of hoe hij iemand moet reanimeren. Zo nodig vangt hij hulpdiensten op. Kortom, een BHV’er weet hoe hij eerste hulp moet verlenen.

Werkgevers zijn volgens de ARBO-wet verplicht en verantwoordelijke voor de veiligheid en welzijn op de werkvloer. Is er geen of onvoldoende getraind personeel aanwezig, levert dit in een noodsituatie extra gevaar op.

Inventariseer risico's en zorg voor een veilige werkvloer

Als een onderneming een bepaalde grootte heeft, is de werkgever in het kader van de veiligheid bovendien verplicht een Risico Inventarisatie & Evaluatie (RI&E) te hebben. Daarin staan uw bedrijfsrisico’s geïnventariseerd en daarin geeft u aan hoe groot de kans is dat een risico zich voordoet en hoe groot de gevolgen zijn.

Zorg ervoor dat u risico’s goed in kaart brengt. Denk ook na hoe u bij een calamiteit adequaat kan optreden. Doet u dat niet dan riskeert u een boete van de inspectie.

Waarom ReNsH’Cue voor uw bedrijfshulpverlening?

Alle trainingen en cursussen worden verzorgd door professionals. De professionals hebben bovendien uitgebreide praktijkervaring in onder meer (spoedeisende) eerste hulpverlening. Die ervaring lijkt vanzelfsprekend. Echter, praktijkervaring is niet nodig om BHV’ers te mogen opleiden in Nederland. Dat is vreemd, maar wel de realiteit. “Daarmee doe je je cursisten écht tekort“, onderschrijft Peter Renshoff (directeur van ReNsH’Cue). Peter vervolgt: “de inzet van E-learning ook. Reanimatie leer je simpelweg niet van een filmpje, maar door te oefenen en door deze vaardigheden regelmatig te herhalen“.

Bij ReNsH’Cue dragen de docenten hun kennis en ervaring op gepassioneerde wijze aan de cursisten over aan de hand van tastbare voorbeelden. Praktijkgericht oefenen met verschillende coöperatieve werkvormen staat bij ReNsH’Cue centraal. Stilzitten is geen optie. Onze methode blijkt BHV’ers veel beter in staat te zijn om situaties te herkennen en beter in te grijpen. Bij ReNsH’Cue worden uw medewerkers opgeleid tot een goede BHV’er mét zelfvertrouwen. Bij ons haalt men niet slechts een papiertje, aldus Peter Renshoff.

De aanpak met jarenlange medische ervaring maakt dat klanten uitgesproken tevreden zijn over de trainingen en cursussen van ReNsH’Cue. Men vindt dat ze bij ons echt iets hebben geleerd. Neem als werkgever geen genoegen met minder. Zeker niet als het op de veiligheid aankomt van uw werknemers of klanten/bezoekers.

Is uw bedrijfshulpverlening al goed opgezet?

Heeft u de uw bedrijfshulpverlening al wel op de agenda staan en goed hebben geregeld, dan is het zaak om de vaardigheden regelmatig te oefenen. Schakel ReNsH’Cue ook dan in voor herhalingscusussen BHV/AED. Elders de basisopleiding BHV gevolgd, geen probleem.

ReNsH’Cue herhaalt veelal realistisch met bijvoorbeeld LOTUS-slachtoffers. Die simuleren ziektebeelden en of verwondingen, zodat een BHV’er oefent met beoordelen van situaties. Dit geeft een BHV’er in de praktijk veel meer zelfvertrouwen dan een theoretische les. ReNsH’Cue staat voor praktijkgericht en realistisch trainen. Spreekt u dit aan? Neem vrijblijvend contact met ons op: T: 0229-23 67 29 | E: info@renshcue.nl.

 

EXTRA | hier treft u de meest relavante wetteksten

Arbeidsomstandighedenwet 1998 (Arbo-wet) geldend van 1 januari 2016:

Artikel 3 Arbobeleid

  1. De werkgever zorgt voor de veiligheid en de gezondheid van de werknemers inzake alle met de arbeid verbonden aspecten en voert daartoe een beleid dat is gericht op zo goed mogelijke arbeidsomstandigheden, waarbij hij, gelet op de stand van de wetenschap en professionele dienstverlening, het volgende in acht neemt:
  2. tenzij dit redelijkerwijs niet kan worden gevergd organiseert de werkgever de arbeid zodanig dat daarvan geen nadelige invloed uitgaat op de veiligheid en de gezondheid van de werknemer;
  3. tenzij dit redelijkerwijs niet kan worden gevergd worden de gevaren en risico’s voor de veiligheid of de gezondheid van de werknemer zoveel mogelijk in eerste aanleg bij de bron daarvan voorkomen of beperkt; naar de mate waarin dergelijke gevaren en risico’s niet bij de bron kunnen worden voorkomen of beperkt, worden daartoe andere doeltreffende maatregelen getroffen waarbij maatregelen gericht op collectieve bescherming voorrang hebben boven maatregelen gericht op individuele bescherming; slechts indien redelijkerwijs niet kan worden gevergd dat maatregelen worden getroffen die zijn gericht op individuele bescherming, worden doeltreffende en passende persoonlijke beschermingsmiddelen aan de werknemer ter beschikking gesteld;
  4. de inrichting van de arbeidsplaatsen, de werkmethoden en de bij de arbeid gebruikte arbeidsmiddelen alsmede de arbeidsinhoud worden zoveel als redelijkerwijs kan worden gevergd aan de persoonlijke eigenschappen van werknemers aangepast;
  5. monotone en tempogebonden arbeid wordt, zoveel als redelijkerwijs kan worden gevergd, vermeden dan wel, indien dat niet mogelijk is, beperkt;
  6. doeltreffende maatregelen worden getroffen op het gebied van de eerste hulp bij ongevallen, de brandbestrijding en de evacuatie van werknemers en andere aanwezige personen, en doeltreffende verbindingen worden onderhouden met de desbetreffende externe hulpverleningsorganisaties;
  7. elke werknemer moet bij ernstig en onmiddellijk gevaar voor zijn eigen veiligheid of die van anderen, rekening houdend met zijn technische kennis en middelen, de nodige passende maatregelen kunnen nemen om de gevolgen van een dergelijk gevaar te voorkomen, waarbij artikel 29, eerste lid, derde zin, van overeenkomstige toepassing is.

2 De werkgever voert, binnen het algemeen arbeidsomstandighedenbeleid, een beleid gericht op voorkoming en indien dat niet mogelijk is beperking van psychosociale arbeidsbelasting.

3 Ter uitvoering van het eerste lid draagt de werkgever zorg voor een goede verdeling van bevoegdheden en verantwoordelijkheden tussen de bij de werkgever werkzame personen, waarbij hij rekening houdt met de bekwaamheden van de werknemers.

4 De werkgever toetst het arbeidsomstandighedenbeleid regelmatig aan de ervaringen die daarmee zijn opgedaan en past de maatregelen aan zo dikwijls als de daarmee opgedane ervaring daartoe aanleiding geeft.

 

Artikel 5 Inventarisatie en evaluatie van risico’s

1 Bij het voeren van het arbeidsomstandighedenbeleid legt de werkgever in een inventarisatie en evaluatie schriftelijk vast welke risico’s de arbeid voor de werknemers met zich brengt. Deze risico-inventarisatie en -evaluatie bevat tevens een beschrijving van de gevaren en de risico-beperkende maatregelen en de risico’s voor bijzondere categorieën van werknemers.

2 In de risico-inventarisatie en -evaluatie wordt aandacht besteed aan de toegang van werknemers tot een deskundige werknemer of persoon, bedoeld in de artikelen 13 en 14, of de arbodienst.

3 Een plan van aanpak, waarin is aangegeven welke maatregelen zullen worden genomen in verband met de bedoelde risico’s en de samenhang daartussen, een en ander overeenkomstig artikel 3, maakt deel uit van de risico-inventarisatie en -evaluatie. In het plan van aanpak wordt tevens aangegeven binnen welke termijn deze maatregelen zullen worden genomen.

4 De risico-inventarisatie en -evaluatie wordt aangepast zo dikwijls als de daarmee opgedane ervaring, gewijzigde werkmethoden of werkomstandigheden of de stand van de wetenschap en professionele dienstverlening daartoe aanleiding geven.

5 Indien de werkgever arbeid doet verrichten door een werknemer die hem ter beschikking wordt gesteld, verstrekt hij tijdig voor de aanvang van de werkzaamheden aan degene, die de werknemer ter beschikking stelt, de beschrijving uit de risico-inventarisatie en -evaluatie van de gevaren en risicobeperkende maatregelen en van de risico’s voor de werknemer op de in te nemen arbeidsplaats, opdat diegene deze beschrijving verstrekt aan de betrokken werknemer.

6 De werkgever zorgt ervoor dat iedere werknemer kennis kan nemen van de risico-inventarisatie en -evaluatie.

Artikel 8 Voorlichting en onderricht

1 De werkgever zorgt ervoor dat de werknemers doeltreffend worden ingelicht over de te verrichten werkzaamheden en de daaraan verbonden risico’s, alsmede over de maatregelen die erop gericht zijn deze risico’s te voorkomen of te beperken.Tevens zorgt de werkgever ervoor dat de werknemers doeltreffend worden ingelicht over de wijze waarop de deskundige bijstand, bedoeld in de artikelen 13, 14, 14a en 15, in zijn bedrijf of inrichting is georganiseerd.

2 De werkgever zorgt ervoor dat aan de werknemers doeltreffend en aan hun onderscheiden taken aangepast onderricht wordt verstrekt met betrekking tot de arbeidsomstandigheden.

3 Indien persoonlijke beschermingsmiddelen ter beschikking van de werknemers worden gesteld en indien op arbeidsmiddelen of anderszins beveiligingen zijn aangebracht, zorgt de werkgever ervoor dat de werknemers op de hoogte zijn van hun doel en werking en de wijze waarop zij deze dienen te gebruiken.

4 De werkgever ziet toe op de naleving van de instructies en voorschriften gericht op het voorkomen of beperken van de in het eerste lid genoemde risico’s alsmede op het juiste gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen.

5 Indien binnen de onderneming werknemers jonger dan 18 jaar werkzaam zijn, houdt de werkgever bij de uitvoering van de in de voorgaande leden genoemde verplichtingen in het bijzonder rekening met de aan de jeugdige leeftijd inherente beperkte werkervaring en onvoltooide lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van deze werknemers.

 

Artikel 15 Deskundige bijstand op het gebied van bedrijfshulpverlening

1 De werkgever laat zich ten aanzien van de naleving van zijn verplichtingen op grond van artikel 3, eerste lid, onder e, van deze wet bijstaan door een of meer werknemers die door hem zijn aangewezen als bedrijfshulpverleners.

2 Het verlenen van de bijstand houdt in elk geval in:

  1. het verlenen van eerste hulp bij ongevallen;
  2. het beperken en het bestrijden van brand en het beperken van de gevolgen van ongevallen;
  3. het in noodsituaties alarmeren en evacueren van alle werknemers en andere personen in het bedrijf of de inrichting.

3 De bedrijfshulpverleners beschikken over een zodanige opleiding en uitrusting, zijn zodanig in aantal en zodanig georganiseerd dat zij de in het tweede lid genoemde taken naar behoren kunnen vervullen.

 

Artikel 15a Informatierechten deskundige werknemers en personen, bedrijfshulpverleners en arbodiensten

De werkgever zorgt ervoor dat de deskundige werknemers en de andere deskundige personen, bedoeld in artikel 13, de personen, bedoeld in artikel 14, eerste lid, de bedrijfshulpverleners, bedoeld in artikel 15, en de arbodienst kennis kunnen nemen van:

  1. de ongevalsrapportages en de lijst van arbeidsongevallen, bedoeld in artikel 9;
  2. een eis als bedoeld in artikel 27, eerste lid;
  3. een bevel als bedoeld in artikel 28, eerste lid;
  4. een bevel als bedoeld in artikel 28a, tweede lid;
  5. een beschikking tot oplegging van een last onder bestuursdwang of tot oplegging van een last onder dwangsom als bedoeld in artikel 28b;
  6. een verzoek om ontheffing als bedoeld in artikel 30, tweede lid;
  7. een rapport als bedoeld in artikel 36, eerste lid;
  8. een beschikking als bedoeld in artikel 37, eerste lid.

Geraadpleegde bronnen:
<http://www.startbedrijf.nl/nieuws/65750-helft-van-bedrijven-heeft-bedrijfshulpv> en <http://www.comdam.nl/n/1429/145/d/bhv-en-rie-in-orde>

 

 

 

 

 

Overige verontrustende cijfers die uit de barometer volgen:

  • Voor meer dan 50% van de bedrijven geldt dat er in de praktijk geen zekerheid is over de aanwezigheid van BHV’ers;
  • 20% van de bedrijven heeft geen verbandkoffer;
  • Ruim 50% van de bedrijven heeft geen AED;
  • Essentiele kennis is onvoldoende;
  • Bij veel bedrijven is gebrek aan voldoende medische bedrijfshulpverleningsmiddelen, zoals een EHBO-koffer.
  • 3% van de ondervraagde bedrijven heeft zelfs helemaal geen bedrijfshulpmiddel

Meld je direct aan voor een BHV-opleiding

Staat BHV bij jou ook onvoldoende op de agenda? Regel dan direct je bedrijfshulpverlening? Meld je aan of neem vrijblijvend contact met ons op om de mogelijkheden door te nemen. Wij denken graag met je mee.

Neem contact op